De eerste dagen in Thailand: oorlogsverleden, watervallen, street food & miljoenenstad Bangkok

Thailand is voor ons niet voor 100% onbekend terrein (maar wel nog voor 99.99%, dus meer dan genoeg te ontdekken nog).  Na onze reis naar Vietnam in 2011 verbleven we al eens drie dagen in Bangkok… en dat was genoeg om te weten dat we onze rondreis in Thailand niet wilden starten in deze miljoenenstad (zeker niet na een nachtvlucht).  We kozen ervoor onze 6 weken in Thailand te starten in Kanchanaburi en te overnachten in Good Times Resort, om opnieuw eerst even rustig te kunnen genieten van het zwembad, het ontbijtbuffet en het restaurant aan de oever van de River Kwai.  

Deze riviernaam zal quasi iedereen bekend in de oren klinken, al is het enkel van de film ‘Bridge over the river Kwai’.  Het is die bekende brug die we als eerste in Kanchanaburi bezochten.  Tijdens onze wandeling naar de brug kwamen we eerst het JEATH War Museum tegen, en de grote trein en vliegtuigen op de binnenkoer wisten (uiteraard) de aandacht van Lias en Roan te trekken.  Aangezien de prijs van het toegangsticket wel meeviel, besloten we even een kijkje te nemen in een museum dat alvast wat info gaf over de Dodenspoorlijn (Death Railway) waarvan de brug onderdeel was.  De spoorweg tussen Thailand en Birma (Myanmar) die tijdens Wereldoorlog II werd aangelegd door Japan kreeg z’n bijnaam omwille van het groot aantal krijgsgevangenen en arbeiders die bij 16 maand durende aanleg van de 415 km lange spoorlijn omkwamen.  Aan de hand van foto’s en voorwerpen in het JEATH War Museum konden we Lias en Roan een beetje uitleggen waarom de brug die we gingen bezoeken – en waarover we de volgende dag met de trein zouden rijden om de Hellfire Pass te bezoeken – zo’n bekende brug is.  Ze waren allebei heel erg onder de indruk van het begrip ‘oorlog’ – waarvan ze nog nooit gehoord hadden – en het feit dat zoveel gevangen soldaten gestorven zijn om deze spoorlijn aan te leggen.  

Tijdens het bezoek aan het museum en de brug hadden Lias en Roan allerlei vragen over die oorlog van lang geleden… en de vragen bleven komen toen we de volgende dag over de Death Railway – en zelfs over een klein stukje originele spoorlijn – reden.  Hoewel we genoten van de mooie landschappen die voorbijkwamen, bleven ook de beelden uit het Thailand-Burma Railway Centre en van het oorlogskerkhof dat we eerder die dag bezochten ons bij.  Waar wij nu genoten van een rustige treinrit over een 50tal kilometer wereldgeschiedenis, werkten bijna 80 jaar geleden duizenden mensen in verschrikkelijke omstandigheden… en kwamen in totaal zo’n 100 000 mensen om het leven door ondervoeding, ziekte, lijfstraffen en fysieke uitputting.  De treinrit over de Death Railway bracht ons vlakbij de Hellfire Pass, een 110 meter lange, 17 meter diepe en 5 meter brede passage door een bergketen die met de hand werd uitgekapt, en dat in een periode dat Japan het werktempo aanzienlijk opdreef en er vaak in shiften van 12 tot 18u gewerkt moest worden.  Doorheen die uitgehakte bergketen wandelen met getuigenissen via audiogids was op z’n minst beklijvend te noemen.  Ook hier waren de jongens oprecht onder de indruk van het ‘gat door de rots’ dat door de krijgsgevangenen gemaakt werd… en dat zonder gebruik te kunnen maken van machines.  

Kanchanaburi heeft dus duidelijk een zwaar oorlogsverleden, maar daarnaast ook een heel mooie natuur, met de Erawan watervallen als één van de hoogtepunten.  Om op tijd bij de watervallen te geraken, zaten we al om 7u aan de ontbijttafel, om om 8u aan het busstation te zijn voor de lokale bus richting Erawan.  Daar aangekomen is er een wandelroute omhoog van 2 km die langs 7 verschillende watervallen komt.  Het feit dat we waterval 1 en 2 erg snel bereikten en dat de andere watervallen telkens genummerd waren, leek Lias en Roan te motiveren om tot bij waterval nummer 7 te geraken, want de wandeling omhoog ging bijzonder vlot (ofwel zijn ze intussen helemaal gewend aan het feit dat er eerst gewandeld moet worden voor er iets te zien/beleven is J).  Bij al de watervallen mocht gezwommen worden en uiteraard blijft zoiets leuk… ook na de watervallen die we in Sri Lanka al bezochten.  Een ‘extraatje’ bij de Erawan watervallen waren de visjes die aan je voeten kwamen knabbelen (jawel… zoals in sommige sauna’s en wellness centra).  Doordat de watervallen zo mooi zijn, zijn ze uiteraard ook erg bekend, waardoor het een heel andere ervaring was dan de waterval vlakbij Ella waar we als enige een paar uur hebben kunnen vertoeven, maar het moet gezegd: de verschillende watervallen waren prachtig om te zien, ook door hun ligging in de jungle en het azuurblauwe water.   

Na de watervallen van Kanchanaburi volgde dan toch de miljoenenstad Bangkok.  Dit was waarschijnlijk de enige plaats waar we zouden verblijven waar we niét echt naar uitkeken… maar Bangkok is nu eenmaal een plaats waar het gemakkelijk geraken was vanuit Kanchanaburi, en vanwaar we ook weer gemakkelijk in het noorden konden geraken.  En door het advies van drie verschillende ervaringsdeskundigen te volgen, hadden we uiteindelijk een erg leuke voormiddag in Bangkok tijdens de fietstocht met Co van Kessel.  De fietstocht startte om 7u – kwestie van de hete namiddagzon te vermijden door niet de tour van 13u te kiezen – en duurde dus tot de middag.  Het leuke aan de fietstocht was dat ze niét langs de typische toeristische attracties ging, maar een andere kant van Bangkok liet zien, met smalle straatjes in Chinatown en een stukje groen in Bangkok en met een longtail boottocht en lekkere lunch. Ook in de namiddag probeerden we de hectiek van Bangkok te vermijden door Lumphini Park op te zoeken, en met een speeltuintje en vijver met watervaranen lukte dat wonderwel.  Op dit moment zien we zelfs onze allerlaatste nacht – ook in Bangkok – zitten 😉

Tenslotte is het waarschijnlijk logisch dat we hier regelmatig de vergelijking maken met de voorbije maand in Sri Lanka, want hoewel we nog steeds in Azië zijn, is het toch duidelijk dat Thailand een ander land is.  Wat ons deze eerste dagen opviel is o.a. dat we hier niet zullen toekomen met een gemiddeld dagbudget vaan 105 euro (maar dat was op zich ook niet de bedoeling… in Sri Lanka is dat gewoon heel erg meegevallen J), maar ook dat het openbaar vervoer gebruiken hier haalbaarder is dan in Sri Lanka, omdat er hier veel meer rechtstreekse trajecten zijn.  Wat we in Sri Lanka eigenlijk niet echt tegenkwamen, zijn de kraampjes met street food en de avondmarkten die we vroeger in Vietnam al zo leuk vonden… en dat vinden we nog steeds.  Lias en Roan deelden al meteen vanaf de eerste avond in Kanchanaburi die mening toen we een avondmarkt bezochten en ze daar pannenkoeken met m&m’s, marshmallows en chocoladesaus bleken te maken J.  

2 gedachten over “De eerste dagen in Thailand: oorlogsverleden, watervallen, street food & miljoenenstad Bangkok

  1. Alweer een top verslag. Fijn dat de jongens ook iets meekrijgen van het oorlogsverleden. Het kan hen er alleen maar toe aanzetten niet van de oorlog te houden. Fijn dat Thailand ook weer in de smaak valt. Cultuur, natuur en ontspanning het zal daar wel weer lukken. Veel plezier en vele groetjes

    Like

Plaats een reactie

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag