Stranden en eilanden

De eerste verblijfplaats in Zuid-Thailand hebben we intussen alweer achter ons gelaten.  De badplaats Ao Nang in de provincie Krabi werd ergens vergeleken met een populaire Spaanse badplaats, omdat het er zo toeristisch is… en dat was ook wel zo.  Al bij de zoektocht naar een accommodatie viel het snel op dat de prijzen hier héél hoog kunnen liggen… en last minute beslissen waar je naartoe gaat heeft zeker z’n voordelen, want de op voorhand eingszins geplande reisroute kan bijgestuurd worden… wat ook regelmatig gebeurt.  Last minute reserveren zorgt er natuurlijk ook soms voor dat bepaalde populaire accommodaties al uitverkocht zijn.  Tot hiertoe zijn we er echter altijd in geslaagd om ook last minute een accommoatie te vinden die ons bevalt.  De overnachtingsplaats in Ao Nang hebben we zelfs héél last minute pas vastgelegd… op de luchthaven in Bangkok waar we een tussenstop van 5u hadden om naar het zuiden te vliegen.  Een groot voordeel van zo last minute te reserveren is dat je nogal eens een korting geregeld krijgt… en dat was dus het geval voor Sea Seeker Krabi Resort in Ao Nang: we kwamen voor een heel goede prijs terecht in een hotel dat minder dan een jaar geleden geopend werd met een immens zwembad mét glijbaan, tot grote vreugde van Lias en Roan uiteraard.  De drie nachten die we oorspronkelijk reserveerden werden er uiteindelijk vier… een voordeel dus van het last minute plannen van de accommodaties.

Via de website van tipsthailand.nl – een schatkist aan informatie voor iedereen die naar Thailand wil reizen – hadden we gelezen over een kayaktour die vanuit Ao Nang ondernomen kon worden.  Omdat Lias en Roan het hotelzwembad écht heel leuk vonden, kozen we ervoor om een halve in plaats van een volledige dag te gaan kayakken.  Met een songthaew werden we ’s morgens opgehaald en naar Ao Tha Lane gebracht, waar we in de kayaks mochten stappen.  Met vier in één kayak zou wat overdreven zijn geweest, dus splitsten we op en stapten we elk met één van onze jongens in de boot… wat uiteraard betekende dat we beiden alleen moesten peddelen. Dat was met momenten best pittig, aangezien we ook een gedeelte op open zee kayakten.  Behalve op open zee kayakten we door een canyon en door een stukje van een mangrovebos.  De afwisseling van deze drie totaal verschillende landschappen maakte de tocht zeker en vast de moeite… al waren we beiden ook blij toen we onze peddels terug mochten inleveren, want alleen roeien is duidelijk anders dan wanneer je dat met twee kan doen.  

Na inspanning mag ontspanning komen, dus de dag na de kayaktour gingen we een dagje ‘eilandhoppen’. Dat betekende wél vroeg opstaan, om op tijd aan het vertrekpunt van de longtail boten te zijn.  Door om 8u te vertrekken met onze eigen longtailboot-voor-een-dag hoopten we de grotere groepen van allerlei tours voor te zijn… en dat was ook zo op het eerste van de vier eilanden dat we die dag bezochten.  Op Koh Poda, een idyllisch eiland dat al snel erg druk kan worden, kwamen we als allereerste boot aan… en dat bleef nog eventjes zo: een genietmomentje voor ons vier dus!  Het was het vroeger opstaan echt wel waard alleszins.  De andere drie eilanden bereikten we uiteraard niet meer als eersten, en het was er dus drukker doordat het intussen al wat later was…. Wat we erg vreemd vonden was dat het op Koh Tup erg druk was toen we er aankwamen, maar op het leukste moment van de dag – toen het water genoeg gezakt was om via een zandbank naar nog een ander eiland te wandelen – was het hier erg rustig.  We hebben alleszins de 500m naar Koh Kai rustig kunnen wandelen… doorheen het water dus met voor en achter je een eiland, en links en rechts een blauwe watermassa: behoorlijk bijzonder.  We zijn uiteindelijk lang op Koh Tup en Koh Kai gebleven, omdat het er zo mooi was… én omdat het met Roan een kleine eeuwigheid duurt om twee keer 500m af te leggen doorheen het water waarbij boten af en aan varen en er onderweg krabbetjes te zien zijn!  De vierde en laatste stop van onze ‘4 islands tour’ bracht ons naar het strand en de grot van Phra Nang op het (schier)eiland Railay: erg mooi, omdat er grote karstrotsen vlakbij het strand uit de zee opdoeme … maar ook erg druk, waardoor we dit waarschijnlijk de minste van de vier stops vonden.  Uiteraard had dit ook te maken met de volgorde waarin we de eilanden bezocht hebben, want met een start in de vroege ochtend op Railay zouden we ongetwijfeld verbluft zijn geweest door het zandstrand, de grote grot en de enorme karstrotsen.  Nu vonden we het zeker en vast een mooie plek, maar het echte ‘waw-gevoel’ bleef uit door de drukte op dit strand.  

Stranden en eilanden zullen ook de komende dagen de hoofdactiviteit vormen, want we bezoeken als volgende plaats het eiland Koh Lanta.  Ook de rest van de route hebben we intussen bepaald, omdat we de tweedaagse tour in Khao Sok NP zeker gereserveerd wilden hebben.  Vanuit Koh Lanta gaan we nog richting het weinig toeristische Phang-Nga, om vervolgens naar Khao Sok en het eiland Koh Phangan aan de oostkust te trekken.  Na een nachtje op de nachttrein eindigt onze reis dan met een nachtje in Bangkok.  Het feit dat het hele laatste stuk van de route ‘klaar’ is, betekent uiteraard dat de reis stilaan opkort… maar we blijven optimistisch: we hebben nog meer dan twee weken te gaan! 

2 gedachten over “Stranden en eilanden

  1. De foto’s alleen al geven een indruk van de overdonderende natuur en de beleving er van. Dit zal voor de jongens een geweldige ervaring blijven die ze lang zullen mee dragen. Fantastisch. Geniet nog van de komende weken en kom dan gezond alles vertellen. Groetjes

    Like

  2. Toch geweldig dat het allemaal zo goed gaat met twee kleuters van zes en vier.Dat zijn toch echt geen gewone kids.Geniet nog van je laatste weken

    Like

Plaats een reactie

Ontwerp een vergelijkbare site met WordPress.com
Aan de slag